Hulpverlening in Mali

08

Wie op dit ogenblik met enig enthousiasme schrijft over ontwikkelingshulp, solidariteit of over de resultaten van ontwikkelingswerk, kan rekenen op een stortvloed van negatieve reacties uit neoliberale en populistische hoek. Het negativisme van rechts werkt ook besmettelijk voor sommige ex-ontwikkelingswerkers en voormalige idealisten die hun teleurstelling over het mislukken van hun project slechts kunnen verwerken door te vluchten in een sceptische houding.

Dit poldercynisme en nihilisme wordt gelukkig doorbroken door Manon Stravens die in Bamako Bonjour!, een bundeling van eerder verschenen columns, verslag doet over haar werk voor de ontwikkelingsorganisatie ICCO. Haar taak bestaat uit het aansturen van een twintigtal ICCO-partners in West-Afrika. Daarvoor is zij afwisselend op reis door de regio en aanwezig op het ICCO-kantoor in Mali.

Zij sluit zich niet op in haar kantoor in Bamako, de hoofdstad van Mali, maar verhuist naar een volkswijk. Daar ontmoet zij de mensen waar het uiteindelijk om gaat: werkeloze jongeren, kleine ambachtslieden, kinderrijke moeders en mannen die dolgraag willen emigreren naar het zo welvarende Europa. Als ze rond reist wordt ze door douanebeambten opgelicht of bijna opgelicht, worden haar huwelijksaanzoeken gedaan en sluit ze vriendschap met activistische vrouwen.

Thuis in Bamako is ze menige avond te vinden bij de grin, een soort openluchtcafé. Deze grins zijn verzamelplaatsen van de plaatselijke (mannen-)gemeenschap. Er wordt gelachen, geouwehoerd, gedronken, kaart gespeeld, geroddeld en zaken gedaan. Manon voelt zich thuis in Mali, houdt van het land en van de mensen. Met hart en ziel werkt zij, binnen de bestaande mogelijkheden, aan de bestrijding van armoede en versterking van maatschappelijke organisaties.

Het is een vorm van solidariteit die niet eenzijdig is gebaseerd op theoretische ideologische modellen, noch op een aangeleerd normatief plichtsbesef, maar op een betrokkenheid die is gericht op een menselijk buurtgevoel. Door de wijze waarop ze de bezoeken aan mensen beschrijft, of waar ze mee reist, de bruiloften en verjaardagspartijen waarvoor ze uitgenodigd is, maar ook over slepende vergaderingen die ze meemaakt, geeft zij de lezer een verhelderende blik over drijfveren, verborgen motieven en de overlevingskracht van armen en minder armen in West-Afrika.

Manon bezit een nuchtere en levenslustige humor waar je jaloers op kunt zijn. Dat wil niet zeggen dat zij de zaken niet kritisch bekijkt. Ze ergert zich aan de weinig doordachte hulpprojecten van VN-organisaties als UNDP en Unicef, ze maakt zich kwaad over de teloorgang van de katoen-industrie als gevolg van de subsidies voor Noord-Amerikaanse boeren en ze is kapot als ze hoort hoe in Noord-Mali een ontgetrouwd koppel met twee kinderen gestenigd is. De invoering van de sharia in Noord-Mali door les fous de Dieu, zoals de terroristen genoemd worden, zet alles op zijn kop.

Buiten Noord-Mali, op veilige afstand van de rebellen, gaat het leven voor Manon na de eerste schrik gewoon door: onderwijsprogramma’s, voedselzekerheid, water en sanitair. Maar, zo vraagt Manon zich af, wat heeft het allemaal voor zin? Hoe relevant ook, en zonder iets af te doen van de kwaliteit van lopende programma’s zou je, zo denkt zij hardop, het geld niet beter kunnen besteden aan ontwapeningscampagnes, aan een internationale lobby voor snelle actie tegen terrorisme en aan de ondersteuning van het verzet onder de bevolking?

De toestand lijkt hulpeloos, maar de Franse interventie wordt door de inwoners van Zuid-Mali toegejuicht en op 20 januari 2013 voetbalt Mali tegen Nigeria voor de Afrika Cup. Buiten staat, ligt en zit iedereen voor de buis en in de laatste minuut wordt het winnende doelpunt gemaakt. Een gebrul stijgt op en Manon krijg spontaan een zoen van degene die haar zojuist vertelde dat hij tengevolge van de crisis geen baan meer heeft.

“We gaan de oorlog winnen en de Afrika Cup ook”, schreeuwt haar buurman. “Wellicht brengen we de glimlach even terug”, zegt Seydou Keita, de aanvoerder van het winnende voetbalteam. Manon eindigt haar voorlaatste column met de woorden: ‘Dat voetbal brengt geen vrede, maar wel een beetje hoop in een extreem moeilijke tijd.’ Bamako Bonjour! voor hen die verder willen en kunnen kijken dan beleidsnota’s.

Hans Beerends

 cover Bamako bonjour

titel  Bamako Bonjour!
auteur  Manon Stravens
uitgave  paperback, 120 pag.
uitgever  KIT publishers, 2013
prijs  € 15,-
isbn  9789460222573

 

 

 

 

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

Nieuwsbrief
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief:
Rubrieken
Volg ons op twitter