masker-2-960x370

Wie beslist wanneer en hoeveel er bezuinigd moet worden op de sociale zekerheid, zoals de WW? Is dat de nationale regering en het parlement die zijn gekozen, of heeft de EU zeggenschap hierover?

Eind 2012 werd in overleg met de Eerste en Tweede Kamer een start gemaakt met de uitvoering van het Regeerakkoord. Daar volgde het Nationaal Hervormingsprogramma (NHP) uit, een rapportage aan de Europese Commissie (EC) die toeziet of de hervormingen (oftewel bezuinigingen) het begrotingstekort onder de 3 procent terugdringen.

Het NHP is vormgegeven ‘conform richtlijnen van de EC’. Dus een land heeft alle vrijheid om de bezuinigingen vorm te geven zoals het goeddunkt, en toch ook weer niet. Want het moet zich immers (voor elk beleidsterrein) aan de richtlijnen van de EC houden, die een land op de vingers tikt wanneer het zich daar niet aan houdt. Op de website van de Rijksoverheid kan men dat lezen op de pagina ‘Europa 2020: de gevolgen voor Nederland’. Naast aanbevelingen op het gebied van (o.a.) de vergrijzing en woningmarkt levert de EC adviezen voor de arbeidsmarkt.

De macht van Brussel

Deze adviezen kunnen als volgt worden samengevat: Op aanbeveling van de EC wordt, om het begrotingstekort onder de 3 procent te houden, in het kader van de vergrijzing de pensioenleeftijd naar 67 jaar verhoogd en de woningmarkt hervormd (de huren mogen extra stijgen en de hypotheekrenteaftrek wordt beperkt). De Werkloosheidswet (WW) en het ontslagrecht zullen volgens de EC ook aangepast moeten worden: ‘de termijn dat men recht heeft op WW zal vanaf 2016 verkort worden van 38 maanden naar 24 maanden’.

Begin dit jaar heeft de Tweede Kamer de Wet Werk en Zekerheid aangenomen (SP, PVV, PvdD en 50+ stemden tegen). Met die wet wordt onder meer het ontslagrecht aangepast. Verder wordt de duur van de WW vanaf 2016 gedurende drie jaar stapsgewijs beperkt tot 24 maanden en krijgen flexwerkers meer rechten. Inmiddels heeft ook de Eerste Kamer met ruime meerderheid ingestemd met het wetsvoorstel.

Het begrip ‘aanbevelingen’ van de EC klinkt wel vrijblijvend, maar in feite gaat het om ‘bevelen’. Vooral gezien de stellige toon waarmee dit bekend gemaakt wordt. Waarom anders de EC zo prominent vermelden op de website van de Rijksoverheid? Symbolisch voor de rol van de EC zijn de explosief stijgende huren van de laatste jaren. En de aanbevelingen in genoemde (en andere) sectoren van de economie zijn inmiddels onder toeziend oog van de EC toegepast.

tumblr_laqpfkfwTU1qeth8lo1_r4_500De liberale partijen VVD en D66 zullen er overigens niet rouwig om zijn wanneer de WW op termijn volledig zal worden afgeschaft. Hun aanhang, jonge kiezers die voor hun carrière veelal partijlid zijn, heeft er nauwelijks mee te maken en de werknemersverzekering kost in hun politieke filosofie alleen maar onnodig veel geld. ‘De aanhang van D66 is bijvoorbeeld vrijwel altijd hoogopgeleid, heeft zonder uitzondering een goed inkomen, woont comfortabel in de Randstad en is veelal verbonden met de overheid’, schrijft columnist Martin Sommer in de Volkskrant daags na de Europese verkiezingen over de nieuwe kaste van hogere (EU) ambtenaren.

En wat zijn de gevolgen van morrelen aan de WW? Wanneer zich in de toekomst weer een vertrouwenscrisis zal voordoen in de economie en er te weinig banen zijn, dan komen jonge mensen met een lagere opleiding daardoor vrijwel onmiddellijk in de bijstand terecht. Zij hoppen overigens al jaren van onderbetaalde flexbaan naar flexbaan, met tussendoor ongewilde noodstops in de WW die meestal als springplank fungeert naar weer een nieuwe tijdelijke flexbaan. (Opgemerkt moet worden dat vanwege de grote sociaaleconomische veranderingen van de middenklasse de laatste jaren een hoge opleiding niet als vanzelf meer leidt naar een goed betaalde baan. Ook hoger opgeleiden krijgen te maken met de hardvochtige wereld van de onderbetaalde flexmarkt.)

Roomser dan de paus

Wie op oudere leeftijd de pech heeft in de bijstand te belanden, zal vanwege het stigma dat hierop van toepassing is daar niet of nauwelijks meer uitkomen. Een stigma dat het gevolg is van jaren negatieve beeldvorming vanuit de politiek met de bedoeling mensen af te schrikken, waar de wantrouwige gedachte achter steekt dat men vrijwillig voor de bijstand kiest om te kunnen frauderen.

Het gaat hier om een negatief neoliberaal mensbeeld waar economen en psychologen verbonden aan universiteiten, in ruil voor honorarium, proefschrift of beide, ‘wetenschappelijke’ bijdragen aan leveren: het creëren van een goedkoop arbeidsreservoir waarin ‘verplichte tegenprestatie’ het centrale begrip vormt.

De EC hoefde voor bezuinigingen op de bijstand overigens geen aanbevelingen te doen, want de Nederlandse regering toont zich wat dat betreft vooruitstrevend. De Participatiewet sluit namelijk naadloos aan op het neoliberale beleid van de EC. In die zin spraken de ‘eurokritische’ Rutte en Van Baalen in de aanloop naar EU-verkiezingen een soort van klare taal: niet meer macht naar Brussel! Dat is ook niet nodig, want de regering voert immers een beleid in EC².

Zoals gezegd draait het in de Participatiewet van de immer blijmoedige staatssecretaris Jetta Klijnsma (PvdA) om tegenprestatie. Dit begrip wordt omschreven als ‘onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden waartoe bijstandsgerechtigden moeten worden gedwongen, op straffe van korting of verlies van hun uitkering.’ Waarbij het de bedoeling is dat zich geen verdringing van arbeidsplaatsen mag voordoen, wat in de praktijk wél gebeurt. Oorspronkelijk komt deze wet overigens uit de koker van de VVD, de partij die Klijnsma in haar vorige leven als oppositielid in de Kamer nog afdeed als asociaal.

De achterkant van visieloos leiderschap

Door dit opportunisme van de leiders neemt het vertrouwen in de politiek even snel af als de sociale zekerheid in elkaar dondert. Men stemt al gauw op een protestpartij of loopt met een ruime boog om de stembus heen. Voor de Europese verkiezingen nam, evenals in 2009, slechts 37 procent van de kiezers nog de moeite om te stemmen. Tweederde van de Europeanen vindt volgens een enquête van de Eurobarometer dat stemmen dan ook geen zin heeft.

Een gegeven dat volgens de onderzoekers niet los te zien is van het gevoel dat EU-burgers de rekening betalen van de crisis. De schuldigen gaan immers vrijuit, de Europeanen dokken voor ‘hun schulden’ en worden daarvoor nog eens bestraft met werkloosheid, een sociale zekerheid die onder het mom van participlanbureaupatiesamenleving ontmanteld wordt, een almaar verschralende zorg die duurder wordt en pensioenen die verdampen.

Het groeiend wantrouwen dat dit oproept, wordt versterkt door economen in dienst van de (nationale) overheid die destijds de macht aan draagvlak hielpen voor de Europese zaak. Zoals Coen Teulings (PvdA), voormalig directeur van het Centraal Planbureau (CPB). De man, in zijn nieuwe leven hoogleraar aan het prestigieuze Cambridge, verklapte onlangs aan De Telegraaf dat hij en zijn CPB in 2011, tien jaar na invoering van de euro, in een evaluatie de voordelen die werknemers zouden hebben gekregen flink had overdreven.

Het CPB meldde drie jaar geleden namelijk dat de euromunt een extra weeksalaris van 500 euro zou hebben opgeleverd en de interne markt waarin de munt succesvol circuleert levert per jaar nog eens tussen de 1.500 en 2.200 euro op. “De berekening over de voordelen van de euro moet je met een korrel zout nemen”, zegt Teulings nu. Met een gemak alsof hij een collegaatje bij het koffieapparaat afraadt om een tweedehands auto te kopen, want met een tweedehandsje koop je meestal een barrel.

Ook zijn collega econoom Henk Brouwer (PvdA) van De Nederlandsche Bank (DNB) beweerde in 2005 over zijn werkgever: “De DNB hield de kaken stijf op elkaar toen de gulden te goedkoop de euro inging.” Het bleek dat de DNB de gulden jaren kunstmatig laag had gehouden om de export te stimuleren. Een ingreep die de burgers destijds 10 procent aan koopkracht had gekost. Tel uit je verlies.

Ron Kretzschmar

 

Door ravage

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*