De popmuziek is dood, lang leve de popmuziek!

shop2111100.images.2halen1betalen

Al heel wat jaren geleden zag ik tijdens Koninginnedag op een straathoek een jongen van een jaar of veertien op een elektrische Fender gitaar scheuren. Hij speelde Jimi Hendrix er tien keer uit, schatte ik in, toen hij Voodoo Child van de Band of Gypsys in zijn eentje inzette. De toen nog levende Amerikaanse gitarist Stevie Ray Vaughan, de enige echte Hendrix epigoon, kon wat techniek betreft ook niet bij hem in de schaduw staan, stelde ik vast. Maar Jimi of Stevie Ray zou de jongen nooit worden.

Ergens in die tijd moet de professionalisering van de popcultuur zijn begonnen die heden ten dage op hoog niveau is aanbeland. Popmuziek heeft zich ontwikkeld tot een gevestigde opleiding met status en allure, waardoor het sterk ‘verschoolst’ is. Het lijkt nog weinig met creativiteit te maken te hebben. Slaafs beroemde voorgangers navolgen wordt hoger gewaardeerd dan zelf iets bedenken. Het is de wet van de markt dat ‘het product’ aansluiting moet vinden bij de smaak van het grote publiek. Popmuziek met voldoende aanzuigende werking, zeg maar. Je kan er lacherig over doen, maar er moet wel iemand luisteren. Toch?

Zap eens wat op tv en je ontkomt er niet aan, de kunst van namaak floreert als nooit tevoren. Je raakt steevast verzeild in een talentenjacht: X Factor, Voice of Holland, Popstars, Bijna Beroemd, The Winner is… Glimmende namaak met een geselecteerde sukkel er bij om het leuk te houden. Er zijn ook talentenjachten voor de ‘betere pop’ die zich afzetten tegen de smaak van de massa. Daar kon je op wachten, een reactie op de platte Borsato-cultuur van The Voice. Zoals Beste Singer-Songwriter van Nederland, een concept voor serieuze jonge mensen zonder de onvermijdelijke Gooise tongval. Het gymnasium van de popmuziek waar de toekomstige ‘pop-elite’ droomt van een mooie toekomst. Joan Baez, James Taylor misschien?

Maar als toeschouwer raak je op den duur wat talentenmoe. Als ik de band van de dag hoor in het tv-programma DWDD, de nationale kweekvijver voor aanstormend poptalent (de plek waar Singer-Songwriter ‘spontaan’ kon ontstaan), dan valt me op hoe professioneel een beginnende band tegenwoordig is. Dat hoor je al aan het inleidende ‘klantvriendelijke’ praatje van de eerste man of vrouw van de band met Matthijs. Die babbel van hooguit een halve minuut verraad een vorm van ‘rendementsdenken’ waar de onlangs afgetreden bestuursvoorzitter van de UvA nog wat van kan leren: hoe geef je mensen het gevoel dat je het voor hén doet, terwijl ze niet door hebben dat je ze alleen wilt gebruiken voor jouw uitgekiende verdienmodel.

Elke keer word ik door dit soort tafereeltjes eraan herinnerd hoe de klamme marketingdeken over ons is uitgespreid, die de optimistische wereld van (de nog niet) Bekende Nederlanders fris moet laten doen overkomen in de huiskamer. De giftige werking van marketing gaat zo ver dat ik laatst door de onvermijdelijke reclame tijdens een spannende speelfilm boos wegzapte en plotsklaps terecht kwam bij een optreden van het Concertgebouworkest in DWDD, met Van Nieuwkerk & co als enthousiaste toeschouwers in een opgewonden setting tjokvol leuke mensen.

Sindsdien kan ik ons wereldberoemde orkest alleen nog zien als een soort Mondriaan motief op een placemat van Blokker in de uitverkoop. Televisie creëert cultuurbarbaren. Dan heb ik het nog niet gehad over de infantiele merchandising van toeristische attracties als Rembrandt van Rijn of Vincent van Gogh. Hebben die ooit bestaan? Of is het een campagne in het kader van citymarketing van de VVV? Ach, wat maakt het ook uit, als het maar verkoopt.

Ron Kretzschmar

 

Share Button

3 Reacties op De popmuziek is dood, lang leve de popmuziek!

  • Bert Dobben schrijft:

    Je muzikale blikveld reikt blijkbaar niet verder dan de mainstream popmuziek en die is altijd commercieel geweest, ook al in die zogenaamde creatieve zestiger jaren. Jimi Hendriks werd net zo goed in de markt gezet en zal zonder twijfel zelf op zijn veertiende ook zijn idolen op een technisch hoger niveau hebben geïmiteerd. Zonder de pousseermachinerie, bestaande uit platenindustrie, pluggers (met zakken vol smeergeld), radio en tv, zouden the Beatles en Rolling Stones ook nooit die populariteit hebben vergaard die hen ten deel viel. En ook zij imiteerden.

    En technisch vakmanschap is niet het tegenovergestelde van creativiteit, ze is een basisvoorwaarde om tot echte grootse prestaties te komen en wie weet zal die veertienjarige jongen zich op een gegeven moment losrukken van zijn eerste invloeden, het epigonisme ontstijgen en zich tot een echte stilist ontpoppen in een genre dat ver verwijderd is van alles wat naar mainstream pop riekt en welkom is in DWDD.

    De vraag is dan wel: zul jij dan überhaupt beseffen dat zijn muziek bestaat? Ik wil maar zeggen: radicale underground is er altijd geweest en die zal zich nooit conformeren aan gladheid. En dat heeft nogmaals niks te maken met geschooldheid of ongeschooldheid, technisch kunnen of technische onkunde. BZN is gelikt en technisch zeer ondermaats. Han Bennink is technisch zeer goed en volstrekt ongelikt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Volg ons op twitter
Zoeker
Rubrieken