Het einde van het midden

15

Volgens Farid Tabarki heeft het midden geen plek meer in een vloeibare samenleving. De combinatie van technologische en sociale ontwikkeling zorgt ervoor dat de veranderingen hard gaan.

     door Hans Beerends

Middenstanders, het middenkader, docenten, reisorganisaties, managers, dienstverleners bij banken, verzekeraars en grootwinkelbedrijven alsmede vele ambtenaren; kortom een heel groot deel van de beroepen in de middensector wordt overbodig of overgenomen door robots. Dat is de boodschap van trendwatcher, publicist en columnist van het Financieel Dagblad, Farid Tabarki in zijn boek Het einde van het midden.

Maar, zo betoogt hij, we krijgen er wel wat voor terug. Centraal in zijn boek staat de afbraak van de hiërarchische samenleving ten gunste van de vloeibare. Binnen die nieuwe samenleving staan weer twee begrippen centraal, te weten radicale transparantie en radicale decentralisatie.

  Vloeibare samenleving

In de huidige hiërarchische samenleving worden beleidsvoornemens doorgesproken in de top van de overheid en het bedrijfsleven. De uitkomst van dit overleg wordt met gebruikmaking van communicatietechnieken via het middenkader naar beneden doorgegeven aan uitvoerende arbeiders/producenten en consumerende burgers. De top die het beleid uitdoktert, beschikt in de regel over veel meer kennis en informatie dan de degenen die het beleid moeten uitvoeren.

Echter, met de gigantische toename van de informatietechnologie is straks iedereen steeds meer en steeds sneller in staat de nodige kennis en informatie te vergaren en daarmee het kennismonopolie van de top te doorbreken. Overheid en bedrijfsleven worden gemaand transparant te zijn. Middels de afgedwongen transparantie kunnen burgers beleidsvoornemens bekritiseren en alternatieven naar voren brengen. Het oude adagium ‘kennis is macht’ geldt thans niet meer alleen voor de top maar ook voor de basis.

Naast deze transparantie heeft volgens Tabarki radicale decentralisatie van productie de toekomst. Mensen kunnen hun eigen zonnecollectoren plaatsen en energie verkopen. Met een 3D printer ontwerp je de door jou gewenste producten. Online bestel je boeken, organiseer je reizen, biedt je een deel van je huis aan en via sociale media creëer je een netwerk van burgers die samen dingen opzetten waar vroeger een organisatie voor werd ingehuurd.

Als aardig voorbeeld noemt Tabarki een ontwikkeling bij de Goede Doelen branch. Naast het traditionele geven via een intermediair als Rode Kruis, Novib of Vastenactie kan je tegenwoordig via de 1 procent club rechtstreeks geld overmaken aan mensen in derde wereld landen die initiatieven willen ontplooien. Via Facebook wordt je op de hoogte gesteld van de vorderingen. Kortom, dank zij technologische innovaties kunnen we de regie in eigen handen nemen en veranderen we in de woorden van Tabarki van passieve producenten en consumenten in ‘prosumenten’. Dit geheel noemt hij de vloeibare samenleving.

  Zorgen en optimisme

Voor Tabarki is het verdwijnen van het midden niet een vraag of een mogelijkheid, maar een feit. Zijn boek gaat over de wijze waarop wij met deze feiten kunnen en willen omgaan. Daarbij doet hij zijn naam als trendwatcher alle eer aan want een groot deel van het boek bestaat uit uitspraken van wetenschappers die op dit terrein onderzoek hebben gedaan. De vele data geven zowel de optimistische als de zorgelijke kanten aan van het lopende proces.

Zorgelijk zijn bijvoorbeeld de data van socioloog Saskia Sassen die aangeeft dat 65 procent van de banen die in 2008 verloren ging middenklasse banen waren en dat van de banen die er bijkwamen slechts 25 procent in die categorie valt. Zorgelijk zijn ook de bevindingen van de economen Maarten Goos en Alan Manning die constateren dat banen in het midden verdwijnen ten gunste van ‘de lovely jobs in het hogere segment en de lousy jobs in het lagere segment.’

Tabarki laat een optimistisch geluid horen in het hoofdstuk ‘Het Nieuwe Werken’. In dat nieuwe transparante en gedecentraliseerde werken krijgen werknemers door het verlaten van het hiërarchische model de regie weer in eigen hand, kunnen mensen hun eigen gegevens en ideeën duur verkopen en kunnen mensen het wegvallen van banen in middenbedrijven compenseren door zich te specialiseren in allerlei facetten van persoonlijke dienstverlening. Voor de kwetsbare groep in het midden zal invoering van het basisinkomen uitkomst bieden.

  Jeremy Rifkin

Mooie ideeën, maar of die ook waarheden zullen worden is de vraag. Een optimistisch hoopvol geluid is natuurlijk prachtig, maar één van de wetenschappers die halverwege het boek aangehaald wordt, denkt aan meer structurele veranderingen. Onder het kopje ‘Weg met het kapitalisme’ komt de Amerikaanse econoom Jeremy Rifkin aan het woord.

Rifkin bekritiseert het kapitalistische model dat ,,erop gericht is om aan alles een waarde in geld mee te geven.” Volgens Rifkin gaat het systeem aan zijn eigen succes ten onder. Door de voortgaande technologische vernieuwing zullen de kosten per product de nul benaderen ,,waardoor marktwerking, de grondslag van het kapitalistisch systeem, niet meer functioneert.”

Rifkin geeft hier enkele voorbeelden van, zoals de entertainmentindustrie, en eindigt zijn betoog als volgt: ,,De economie wordt naar een tijdperk gebracht van bijna gratis goederen en diensten.” Het is een opmerkelijke uitspraak die sterk overeenkomt met de visie van Paul Mason in zijn, eerder door mij gerecenseerde boek Postkapitalisme.

Wat het boek van Farid Tabarki duidelijk maakt, is dat er op nationaal en internationaal niveau veel geschreven en gedacht wordt over komende veranderingen en dat er heel veel uitdagingen liggen. Tegelijkertijd kan je op en tussen de regels door lezen dat de hoopvolle en humane kansen die er zeker zijn niet zomaar uit de lucht komen vallen. Willen we de kansen benutten en de uitdaging ombuigen in de richting van een milieu- en menswaardige internationale samenleving dan zullen we daar nog heel wat voor moeten doen.

het-einde-van-het-midden-

 
 
 

titel  Het einde van het midden
auteur  Farid Tabarki
uitgave  Paperback 224 blz.
uitgeverij  Atlas Contact, maart 2016
isbn  9789047009238
prijs 
€ 24,99

 
 

Share Button

5 Reacties op Het einde van het midden

  • Ernst schrijft:

    “De top die het beleid uitdoktert, beschikt in de regel over veel meer kennis en informatie dan degenen die het beleid moeten uitvoeren”

    Dit is een standaard denkfout. De beste kennis en informatie over het werk zelf ligt juist bij degenen die het uitvoeren, die de dagelijkse gang van zaken ervaren, die voortdurend kleine aanpassingen maken omdat het one-size-fits-all model dat van bovenaf wordt doorgegeven door de planners onwerkbaar is.

    Daarom was de stiptheidsactie ook een stakingsmiddel om eisen af te dwingen. Zodra werknemers hun werkzaamheden exact gaan uitvoeren zoals voorgeschreven in de regels en protocollen, loopt de zaak vast.

    Japan was de eerste geïndustrialiseerde natie die in de fabrieken meer zeggenschap over de directe processen legde bij de arbeiders, omdat zij het dichtst bovenop de productie staan en flexibel just-in-time aanpassingen kunnen doorvoeren.

    De hiërarchie wordt met name gevormd door machtsverhoudingen. De voornaamste kennis en informatie waar de top in excelleert is die met betrekking tot machtsuitoefening, zoals controle, surveillance en vormen van dwang en beloning.

    • Hans Beerends schrijft:

      Beste Ernst, dat laatste bedoel ik ook. De vakman vaker aan de basis uiteraard, wat betreft de uitvoering van bijvoorbeeld de aanleg van een weg, het bouwen van een huis en het in elkaar zetten van meubels.

      Waar het mij om gaat is dat deze vakman niet de informatie krijgt waarom er per se op die plaats een weg gebouwd moet worden en waarom er dure huizen gebouwd worden en geen goedkope, of andersom. Het besef van de vakman is op microniveau, en zelfs die kennis wordt vaak gewantrouwd en aan ridicule regels onderworpen – zie jouw voorbeeld van stiptheidsacties.

      Wat met de nieuwe radicale transparantie beoogd wordt, is dat de man/vrouw aan de basis te weten krijgt waarom bepaalde macro en meso beslissingen genomen worden en op welke wijze je daar direct op kan reageren. Hopelijk wordt mijn betoog, of beter gezegd, het betoog van Farid Tabarki, hiermee duidelijk.

      Met vriendelijke groeten, Hans Beerends

      • Ernst schrijft:

        Beste Hans, Ik begrijp het betoog. Waar het mij even om ging was aan te stippen dat een basisgedachte van het betoog gebaseerd is op een misvatting. Het gaat niet om (gebrek aan) informatie, het gaat om macht. Dat bepaalt “who gets what when and how”.

        Transparantie is nutteloos als de partijen buiten de organisatie geen enkele macht hebben iets te veranderen aan wat ze zien. Zieners die technologie op zichzelf, zonder adequate “human agency”/structure analyse, een democratiserende rol zien spelen, zijn nogal vaak door de feitelijke ontwikkelingen gelogenstraft.

        Een andere denkstap die deze meneer maakt, zou al direct een red-flag moeten opleveren. Hij zegt dat de middenklasse het moeilijk gaat krijgen en zal verdwijnen, en daarin kan ik hem goed volgen. Maar uit wat hij daar voor gevolgen aan koppelt, met zijn vloeibaarheid, zouden we moeten aannemen dat juist de top en de onderkant van de hiërarchie plotseling zouden verdwijnen.

        Dus eigenlijk verdwijnen top en onderklassen, zo impliceert deze denktrant, omdat de middenklasse verdwijnt. Dat is alleen geen uitgemaakte zaak en lijkt als een soort verborgen premisse te worden aangenomen.

        Met “specialiseren in allerlei vormen van dienstverlening” zit hij waarschijnlijk dichter bij de waarheid, maar ietsje anders dan hij beweert. Ook onder een nieuwe postkapitalistische machtsverdeling zullen de beschikbare vormen van inkomstenverwerving, in traditionele zin: de betaalde baan, niet “decentraal” worden verdeeld. Zonder ingrijpen zullen de machtigen/bezitters van nu ook de nieuwe vormen van inkomstenverwerving monopoliseren.

        De vele arme baanlozen die erbij komen zullen zich in allerlei gedienstige bochten moeten wringen om nog rond te komen, met allerlei vormen van dienstverlening die informele economieën vaak kenmerkt. De autoramenwassers bij het stoplicht in India bijvoorbeeld. De toename van private legers bevolkt door mensen zonder baan/inkomen/macht in dienst van de top die van deze technologische ontwikkelingen wel profiteert.

        • hans Beerends schrijft:

          Beste Ernst,

          Het gaat inderdaad om macht. Tabarki gaat er echter vanuit dat de groei van de informatietechnologie het voor de kapitalistische bovenlaag steeds moeilijk maakt om hun macht te verhullen met allerlei, logisch klinkende, rechtvaardigingen. Door de verhullingen aan te pakken, brokkelt de macht van de bovenlaag af. Met die optimistische analyse kan je het natuurlijk eens zijn of niet. Bovendien als die macht werkelijk afbrokkelt kan de bovenlaag ook naar het middel grijpen om via een fascistische staatsgreep haar macht, maar dan zonder verhullingen, terug te grijpen.

          Met hartelijke groet, Hans

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Volg ons op twitter
Zoeker
Rubrieken