De morele leegheid van het politieke debat

06

Breng de moraal weer terug in het politieke debat. Zo luidt de boodschap van politiek-filosoof Michael Sandel. Hij zet deze visie uiteen in een reeks essays die gebundeld zijn in het in 2005 uitgekomen en onlangs vertaalde boek Politiek en Moraal.

     door Hans Beerends

Als student politicologie ontdekte Michael Sandel in 1974 dat er binnen de economie en politieke wetenschappen geen plaats is voor morele vragen als rechtvaardigheid, gelijkheid, mensenrechten en de belangen van een gemeenschap. Hij ging daarom over tot de studie politieke filosofie, werd in 1980 hoogleraar op de Amerikaanse universiteit Harvard en ontdekte tot zijn voldoening dat zijn colleges over morele keuzes zeer geliefd waren onder studenten, maar ook daarbuiten. Zijn online-colleges, gebaseerd op zijn boek Justice, werden zelfs door meer dan 10 miljoen mensen bekeken.

In de inleiding van Politiek en Moraal geeft hij al in de eerste alinea’s aan waar hij zich tegen keert. Volgens Sandel worden in de democratische samenlevingen vraagstukken die met ethiek en waarden te maken hebben door politici genegeerd. Want, zo schrijft hij, ‘het publieke discours bestaat of uit managers jargon en technocratische praatjes of uit vastgeroeste, wrokkige standpunten die de deelnemers elkaar toeschreeuwen, en niet uit debatten op basis van argumenten. Het resultaat is een hol publiek discours zonder enige morele betekenis.’

Nou ja, alsof de uitgever het afgesproken had zagen we een extreem voorbeeld hiervan in de nacht van 10 op 11 oktober jl. bij het Amerikaanse verkiezingsdebat tussen Trump en Clinton. In Nederland gaat het er weliswaar een stuk fatsoenlijker aan toe, maar ook hier gaapt achter de marketing- en managerstaal van politici een grote inhoudelijke morele leegte.

  Gevaarlijke ontwikkeling

Reden voor de uitgever om alle Tweede Kamerleden Politiek en Moraal aan te bieden. Of ze de tijd nemen deze beschouwing te lezen, en zo ja, of ze er daadwerkelijk wat mee doen, is de grote vraag. Sinds de ontzuiling zijn het met name de traditionele centrumrechtse en centrumlinkse partijen die zich verschuilen achter managerstaal. De kleinere zowel rechtse als linkse partijen doen dit stukken minder en worden door politiek commentatoren daarom badinerend aangeduid als getuigenispartijen.

Sandel vindt de amorele politieke ontwikkeling gevaarlijk. Niet alleen omdat het inhoudsloos is maar ook omdat deze leegheid bij kiezers ertoe heeft geleid dat er een wijd verbreid wantrouwen is ontstaan naar, en frustratie over het onvermogen en onwil van politieke partijen om zich bezig te houden met vraagstukken die mensen daadwerkelijk belangrijk vinden.

De opkomst van de politieke leegheid en het bejubelen van het amorele marktdenken situeert Sandel, niet bepaald verrassend, in het tijdperk van Reagan en Thatcher in de jaren ’80. Maar ook de centrumlinkse regeringen die na Reagan c.s. opkwamen namen de fundamentele uitgangspunten van het marktdenken over. Vergelijkbaar met Tomas Sedlacek in zijn boek De economie van goed en kwaad pleit Sandel er voor economie niet langer te beschouwen als een waardevrije wetenschap maar, teruggaand naar haar oorsprong, als een tak van morele en politieke filosofie.

In zijn boek geeft hij reeksen voorbeelden van handelingen waar je morele vragen bij kunt stellen maar die door het nuttigheidsdenken van de vrije markteconomen niet gesteld worden: Is het toegestaan kinderen te verkopen of foetussen? Mag een universiteit studieplaatsen verkopen aan de hoogste bieder om met dat geld een bibliotheek te bekostigen? Mag je handel drijven in lichaamsdelen, bijvoorbeeld een nier?

Een nier weggeven is een humane daad, maar moet een overheid toestaan dat er een handel komt in nieren, levers en al wat je zou kunnen transplanteren? De logica van het vrije marktdenken zegt: Ja waarom niet, als verkoper en koper dat doen op vrijwillige basis en daar beiden voordeel van denken te ondervinden, wat is daar dan op tegen? Nog los van de vraag hoe vrij de arme verkoper van een nier is, acht Sandel handel in deze lichaamsdelen op zich verwerpelijk.

  Handel in vluchtelingen

Sandel noemt nog een voorbeeld van een ontwikkeling die zeker in Europa hoogst actueel is, namelijk de mogelijkheid om te handelen in vluchtelingen. Een Amerikaanse hoogleraar internationaal recht had bedacht dat middels een internationale afspraak, vergelijkbaar met de handel in de CO2 emissierechten, je elk land zou kunnen verplichten een quotum vluchtelingen op te nemen. Heb je daar als land, mede door verzet van kiezers, geen zin in dan ga je met landen die hun quotum nog niet bereikt hebben in onderhandeling en koop je als het ware vluchtelingenruimte.

Iedereen tevreden zou de vrije markt-ideoloog zeggen, maar voor Sandel zullen zowel kopers en verkopers vanaf dat moment vluchtelingen gaan zien ‘als een last waarvan je je moet ontdoen of als een bron van inkomsten en niet meer als mensen die in gevaar zijn’. Het grootste gevaar schuilt volgens hem in de verloedering die ontstaat als we alle menselijke relaties omzetten in commerciële transacties.

Ook in Nederland zien we voorbeelden van deze ‘verloedering’. Studenten die ingehuurd worden om te collecteren voor het goede doel en premies ontvangen voor elke handtekening die ze aan het winkelende publiek kunnen ontfutselen. Het nuttige doel wordt weliswaar bereikt, maar tegelijkertijd wordt de ideële gedrevenheid van potentiële vrijwilligers ondermijnt en daarmee het politieke draagvlak voor progressieve veranderingen.

Liefhebbers van de ethische wetenschap treffen in dit boek boeiende discussies aan tussen ethici die denken vanuit een neoliberaal (prioriteit aan individuele vrijheid), utilitaristisch (nuttigheid als beslissend criterium) of communitaristisch (uitgaan van het belang van de gemeenschap) standpunt.

  Mogen staatslieden liegen?

Uit mijn katholieke jeugd herinner ik me de catechismus vraag of liegen altijd zonde is. De meester stelde deze vraag hardop en van ons leerlingen werd dan vervolgens verwacht dat wij luidkeels ‘Ja, liegen is altijd zonde’ zouden antwoorden. Nou Sandel denkt daar heel anders over. Die gaat namelijk uit van de prioriteit van rechtvaardigheid en gemeenschapszin. Hij ontwikkelt in zijn essay over liegen een interessante visie.

Twee liegende voormalige Amerikaanse staatshoofden worden ten tonele gevoerd. Lyndon B. Johnson die tijdens een verkiezingscampagne in de jaren ’60 beweerde geen extra troepen naar Vietnam te sturen, terwijl hij het heimelijk wel van plan was, en Roosevelt die in 1940 beweerde dat hij geen soldaten naar de Europese oorlog zou sturen, terwijl ook hij dit wel degelijk van plan was. Beiden voerden na de verkiezingsoverwinning hun geheim gehouden plan uit. Beiden waren dus leugenaar en dan schrijft Sandel: ‘Beide presidenten bedrogen de bevolking, Roosevelt ter wille van een rechtvaardige zaak, Johnson ter wille van een onrechtvaardige. De morele aard van hun bedrog verschilt dienovereenkomstig’.

Ingewikkeld wordt het morele discours, of de afwezigheid daarvan, ook als beleidsmakers in een bepaalde kwestie tegenover elkaar komen te staan en beiden hun beleid met bijna exact dezelfde ethische argumenten verdedigen. Lyndon Johnson, die hierboven nog als leugenaar werd ontmaskerd, wordt nu door Sandel naar voren gehaald als de verdediger van de door hem ontworpen (mini-)verzorgingsstaat The Great Society die hij verdedigde met de woorden ‘omdat dit mensen in staat stelt om hun eigen doelen te kiezen’. De neoliberale econoom Milton Friedman keerde zich tegen dit overheidsprogramma met het argument ‘dat dit een inbreuk vormt op het recht van het volk om naar hun eigen waarden te leven’.

Michael Sandel haalt heel wat over hoop met zijn in 2005 gebundelde essays. Mijn sympathie heeft hij, maar hoe meer je erin duikt hoe ingewikkelder de materie wordt. Maar, zoals Sandel keer op keer stelt, het zou al heel wat schelen als politici ophielden met het verkondigen van marketing- en managerspraat en opnieuw morele vragen ter discussie durven stellen.

07

 

titel  Politiek en Moraal – filosofie voor het publieke debat
auteur  Michael J. Sandel
uitgeverij  Ten Have, 2016
uitgave  Paperback/softback, 384 pagina’s
isbn  9789025905415
prijs  € 29,99

 

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

Nieuwsbrief
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief:
Rubrieken
Volg ons op twitter