Zijn de Franse verkiezingen gemanipuleerd?

                     ‘Plan Bleu’ 2.0

Frankrijk krijgt de vorm die zij onder druk vanuit de neoliberale hegemonie als vanzelf opgelegd krijgt. Hierbij is het niet ondenkbeeldig dat de VS, de NAVO en sommige onderdelen van de Europese politiek samenwerken in legale, maar ook in minder legale operaties.

     door Hector Reban

Wie kennis heeft opgedaan over externe beïnvloeding van naoorlogse verkiezingen in Europa, krijgt bij het verloop van hedendaagse gebeurtenissen de sterke indruk dat er meer speelt achter de façade van onze vrije democratische processen. De recente Franse presidentsverkiezingen, gewonnen door Macron van de centrumrechtse partij En Marche! Met 66,06 procent van de stemmen, geven wat dat betreft rillinkjes van herkenning op de huid.

Zelfs de Volkskrant is het niet ontgaan. ‘De zege van Macron is het sluitstuk van een krankzinnige verkiezingsrace vol schandalen en onverwachte ontwikkelingen’, meldde de krant, zonder overigens verder af te wijken van de normale, weinig diepgaande berichtgeving. Maar waar zij die zich committeren aan de status quo slechts opmerken, graven zij die kritisch zijn, een stapje dieper. De recente geschiedenis biedt daarvoor voldoende aanknopingspunten.

   Een geheime oorlog in Europa

Naar aanleiding van schokkende resultaten van onderzoek naar een reeks van terroristische aanslagen openbaarde de toenmalige premier Andreotti van Italië in 1990 het bestaan van een uiterst geheim netwerk opgezet door Groot-Brittannië, de VS en delen van het Italiaanse veiligheidsapparaat. Dat netwerk had een tweeledig doel. In de eerste plaats moest het dienen als basis voor verzet voor het geval de voormalige Sovjet-Unie mocht besluiten zijn tanks over West-Europa te laten rollen. Maar een bijkomend doel was interessanter. De organisatie werd ook geacht ervoor te zorgen dat Italië niet ten prooi zou vallen aan een bewind van communisten en socialisten.

Gladio, zoals het Italiaanse netwerk genoemd werd, bleek over heel Europa, met uitzondering van de Oostblok staten maar inclusief neutrale landen, zijn evenknieën te hebben. Na Andreotti’s verklaringen werden in de meeste landen gelijksoortige organisaties ontmaskerd en in sommige gevallen aan justitieel en parlementair onderzoek blootgesteld.

De Zwitserse onderzoeker Daniele Ganser bespreekt in zijn monumentale boekwerk NATO’s secret armies; Operation Gladio and Terrorism in Western Europe (2005) land voor land hoe het systeem functioneerde.

Frankrijk opereerde volgens het zogeheten ‘Plan Bleu’ om na de Tweede Wereldoorlog de communisten uit de regering te houden, activiteiten die later werden ontplooid door de organisatie La Rose des Vents (de roos van de vier windstreken, zoals het NAVO-embleem). De Duitsers bleken hun ‘Technischer Dienst’ te hebben voor subversieve acties tegen de KPD (communisten) en SPD (socialisten). Vooral doel twee bleek serieus in operatie te zijn geweest, met name in landen met een sterke communistische partij.

De gehanteerde methoden waren huiveringwekkend en liepen uiteen van het verspreiden van zwarte propaganda (Fake News, smeercampagnes) om verkiezingen te beïnvloeden, het uitvoeren van gerichte moorden op basis van dodenlijsten en terroristische operaties onder valse vlag waarmee links in diskrediet werd gebracht. Ook het plegen van coups (Italië, Frankrijk, Frans Algerije, Turkije) en het voeren van vuile oorlogen (Griekenland, Turkije) behoorden tot gesanctioneerde vormen van actie.

Vast kenmerk: de samensmelting van de NAVO-commandostructuur, geheime diensten, reactionaire delen van het staatsapparaat en extreem-rechtse paramilitaire groeperingen, waaronder ex-nazi’s en neonazi’s. De VS leidde in eerste instantie via dit clandestiene complot van de NAVO netwerken van lieden die zich gedurende de Tweede Wereldoorlog bekwaamd hadden in het terroriseren van de bevolking en het vervolgen van links – waarna de strijd vervolgens werd voortgezet met hun ideologische opvolgers. De successen van deze professionals waren navenant.

   ‘Beperkte soevereiniteit’

Volgens terrorisme-deskundige Beatrice de Graaf werden de jaren ’70 en ’80 gekenmerkt door een golf van links terrorisme. In werkelijkheid werden de gruwelijkste en vooral bloedigste aanslagen via deze stay-behind groepen gepleegd onder de vlag van de NAVO. Zelfs de RAF kreeg zijn eerste wapenleveranties van een agent van de Duitse geheime dienst BfV, een dienst die goede betrekkingen onderhield met het door de NAVO geleide clandestiene netwerk. Het is niet ondenkbaar – en in het geval van de moord op de christen-democratische premier van Italië Aldo Moro in 1978 zeer aannemelijk – dat links terrorisme via Gladio-infiltranten beslissend bespeeld werd door geheime diensten.

Ook andere vreemde aanslagen werden uiteindelijk opgehelderd en gelinkt aan het clandestiene netwerk vol rabiate linkshaters en rechtsextremisten, zoals de reeks bloedige overvallen in de jaren ’80 in België die aan de Bende van Nijvel werden toegeschreven.

Dergelijke terreur werd uitgeoefend in het kader van een ‘strategie van de spanning’ waarin de roep om meer law-and-order zou leiden tot een rechtser klimaat en een afkalving van de steun voor links. Met name in Italië en Frankrijk werd op die manier een linkse opmars effectief in de kiem gesmoord.

Belangrijkste politieke uitkomst van deze ontwikkelingen zou het leerstuk van de ‘beperkte soevereiniteit’ kunnen worden genoemd, een ongeschreven regelboek dat voor het overgrote deel noch officieel noch openbaar gehanteerd werd. De feitelijke conclusie moet zijn dat de VS – via de NAVO, diens dwingende bilaterale overeenkomsten met de individuele verdragspartijen en clandestiene operaties – de politiek in Europa beslissend bepaalde.

Vrij en soeverein was men om regeringen te vormen die de VS, de NAVO en de reactionaire onderdelen van de maatschappij welgezind waren. Beperkingen bestonden eruit een politiek te voeren die daar tegenin zou gaan. Anders gezegd, in Hongarije en voormalig Tsjechoslowakije rolden tanks van de Sovjets zichtbaar door de straten. In Italië stoomden bij een stille coup in 1970 (operatie ‘Tora Tora’) tanks van het eigen militaire apparaat dreigend op om de politiek een zetje in de goede richting te geven.

   De Franse verkiezingen en mondiaal bestuur

Onwillekeurig wordt de indruk gewekt dat die ‘verkiezingsrace vol schandalen en onverwachte ontwikkelingen’ in Frankrijk misschien minder contextloos moeten worden opgevat en beter in historisch perspectief kunnen worden beschouwd. Het belang van een ‘juiste keuze’ van de Fransen is gezien vanuit internationaal gezichtspunt namelijk, net als ruim een halve eeuw eerder, enorm en ook vrij helder. Na de Brexit moet hoe dan ook sleutelspeler Frankrijk behouden worden voor het Europese project. Als Frankrijk zou vallen, zou het vertrouwen in de EU en haar munt een enorme dreun krijgen, waarvan het mogelijk niet meer zou kunnen herstellen.

Ook als sub-project binnen de ‘Grand Area’, volgens Noam Chomsky nog steeds de belangrijkste leidraad voor de Pax Americana, speelt versterking van de EU een hoofdrol. Volgens deze doctrine ziet de VS de wereldorde als hiërarchisch gelaagd met sub-domeinen die geregeerd worden door hun ‘natuurlijke leiders’ die allen weer onder een hegemoniale Amerikaanse paraplu vallen. De EU is zo’n domein, onder leiding van Duitsland. Oost-Azië onder leiding van Japan ook. Het Midden-Oosten verdient volgens de VS een co-leiderschap onder Israël en Saudi-Arabië.

Nu Rusland terug in zijn hok is gezet in de rol van uitdager, en daar achter China op de loer ligt (BRICS), is versterking van de Europese orde onder Amerikaanse supervisie grote noodzaak. Behoud van Frankrijk is daarvoor cruciaal. De Fransen, bondgenoten van de VS in onder andere de VN Veiligheidsraad, moeten trouw aan de hegemonie blijven om hun taken in internationale organisaties en militaire coalities te blijven vervullen. Onder Sarkozy en Hollande nam Frankrijk zelfs een aanjagende rol op zich bij de neoconservatieve vervolmaking van de Grand Area, door ten opzichte van Libië, Mali en Syrië een zeer agressieve politiek te bedrijven.

Wellicht is het doel van het trouwe Franse establishment te komen tot een versteviging van de neokoloniale verhoudingen op Amerikaanse leest geschoeid, met meer controle voor de Franse ondercommandant over het voormalige Franse koloniale erfgoed. Macron ondersteunt een Syrische invasie. De Khan Sheikhoun gifgas-aanval van 4 april jl., de chemische overschrijding van een rode lijn die mogelijk een opmaat biedt voor complete interventie in Syrië, wordt met betrekking tot de schuldvraag van empirisch bewijs voorzien door Franse onderzoekers. Hun rapport met een aanklacht aan het adres van Assad kwam drie dagen na de eerste ronde van de presidentsverkiezingen uit, op een moment dat vrijwel zeker achterover kon worden geleund met een overwinning voor Macron in het vizier.

  De Onwenselijken

Binnenlands in Frankrijk is niet voor niets de kwestie van de nationale soevereiniteit verreweg het belangrijkste issue. De verkiezingen vonden onmiskenbaar plaats als een strijd tussen zij die zich op hun eigen wijze te weer willen stellen tegen de macht van transnationale organisaties en supranationale bestuurslagen (global governance) en zij die zich als hun lokale vertegenwoordigers opstellen. Kennelijk voelen vele Fransen aan dat hen onder een vorm van beperkte soevereiniteit de macht uit handen is geglipt en anticipeerde een deel van het politieke spectrum daar ook op. Van de elf kandidaten in de eerste ronde toonden er zich bijvoorbeeld maar liefst acht EU-kritisch.

President Hollande en zijn Parti Socialiste (PS), als alle sociaaldemocraten trouwe volgers van Empire, hadden zich onmogelijk gemaakt bij het overgrote deel van de bevolking. Vanuit de optiek van het hegemoniale management kleefden smetjes aan drie van de vier overige kandidaten die kansen hadden.

De gaullistische kandidaat Fillon toonde zich weliswaar reactionair rechts, maar formuleerde een afwijkende buitenland politiek. Fillon bleek zo conservatief dat hij in Rusland een partner zag om verdrukte christenen in het Midden-Oosten te redden. Met een persoonlijk schandaal (zijn vrouw snoepte met een onduidelijke functie uit de ruif van de publieke financiën) werd hij afgeserveerd.

De ‘soevereinisten’ op uiterst rechts en links, respectievelijk Le Pen van het Front National en Mélenchon van La France Insoumnise, waren uiteraard sowieso onwenselijk. Het populistische rechts van FN, met eng chauvinistische randjes maar vooral anti-EU en pro-Rusland, kon op weinig goedkeuring rekenen. Om maar te zwijgen over Mélenchon, serieus links in Zuid-Europese traditie (net als het Spaanse Podemos en het Griekse Syriza).

La France Insoumnise ziet de EU als neoliberaal project dat in strijd is met het voeren van sociale politiek en het bestrijden van ongelijkheid in al zijn manifestaties, een terechte analyse die merkwaardigerwijs bij centrumlinks (en/of ‘sociaalliberaal’) nog steeds niet lijkt te zijn doorgedrongen. Ook wenst de partij uit de NAVO te stappen, een halsmisdaad. De opkomst van Mélenchon, die uitstekend leek te gaan scoren en tot een geduchte kanshebber voor de tweede ronde kon worden gerekend, moet in de krochten van de machtscentra toch ernstige herinneringen aan een recent Europees verleden hebben opgeroepen.

  De gedroomde kandidaat

Macron is de standaard Franse technocraat. Hij is de man van de elite opleiding, afkomstig uit de financiële sector en daarmee haast vanzelf een adept van de Washington Consensus (multilateraal neoliberalisme) en diens Europese rolmodel, de EU. Voor de PS was hij adviseur van Hollande en zelfs minister van Economie. Uiteindelijk scheidden hun wegen. En Marche!, zoals zijn vorig jaar opgerichte partij heet, heeft een naam die weliswaar leeg klinkt, maar is inhoudelijk – net als de PS – volledig gevuld met de agenda van de bestaande neoliberale orde.

Volgens Macron heeft hij een ‘beweging’ gestart, een beweging dan wel zonder dat ook maar iemand aan de wortels van het Franse land er om had gevraagd. Dit is het klassieke voorbeeld van een zogenaamde kaderpartij, een electorale machine die voor de verkiezingen een ‘product’ op de markt zet, een product – programma, uitvoerder – dat op zichzelf volledig is afgesneden van enige massa-basis. De nieuwe partij dient ervoor Macron’s imago los te koppelen van de losers van de PS, waarbij voldoende sociaal gedachtegoed aanwezig blijft om mensen met vage progressieve ideeën in het stemhokje te binden.

Macron is zonder meer de man die past bij de ambities van de hegemonie. Obama was dan ook niet te beroerd Macron aan te bevelen. Hij ‘verdedigt liberale waarden’, volgens Obama. Maar als extreem-rechts Amerikaanse belangen vertegenwoordigt, dan worden net zo goed fascistoïde waarden omarmt, zoals de lugubere conduite staat van de VS vooral laat zien. Waarschijnlijk ontving Macron pas deze openlijke Amerikaanse politieke steun na geslaagde pogingen van de CIA diens partijgeheimen te bemachtigen. In ieder geval werd ook in 2012 van alle Franse presidentskandidaten uitgebreid de nieren geproefd, aldus WikiLeaks.

Ook niet onverwacht kwamen er openlijke steunbetuigingen uit het centrum van de Europese macht. Zowel Frau Merkel als haar secondant Schäuble voerden Macron aan als redder van Frankrijk en van de EU. Toute ‘Europa’ slaakte dan ook een zucht van verlichting toen ‘hun’ kandidaat officieel de overwinning naar zich toe had getrokken. Duidelijk was dat Macron’s basis in Brussel en Washington zat, niet in Lille of Lyon. Daar zaten alleen de broodnodige kiesconsumenten.

  De eerste ronde: aanslag

Voordat een juichstemming het medialandschap kon overspoelen, gebeurde er nog het één en ander. De laatste peilingen leverden een beeld op van vier serieuze kanshebbers op de tweede ronde, waarbij Fillon enigszins was weggezakt na het schandaal en ook de opmars van Mélenchon tot staan was gebracht.

Enkele dagen ervoor had een terreurdaad Frankrijk weer in een toestand van spanning gebracht, nadat één, maar waarschijnlijk twee schutters een politiebusje van een adequaat bewapende surveillance-eenheid onder vuur hadden genomen.

Een dergelijke operatie lijkt een directe provocatie gericht op ontketening van een vuurgevecht, een actie die zo zijn vragen oproept.

Het moment van de aanslag, het type doel, het vermoeden van betrokkenheid van een tweede schutter en de nogal van pas komende vondst van een dode met identiteitspapieren en een verleden als notoire crimineel annex ‘jihadist’; het verhaal levert genoeg saillante details. IS zou uiteraard de aanslag op hebben geëist, maar omdat elke aanslag in West-Europa reclame voor hun strijdplan is, is dat op zichzelf weinig overtuigend.

Met een beeld van de methodiek van de stay-behind terreur in het achterhoofd, zou men ook een ander scenario kunnen voorstellen. Aanslagen hoeven niet te zijn wat ze lijken te zijn, zeker niet in verkiezingstijd – onmiskenbaar een specialiteit van Gladio. Laten we zeggen dat deze zaak een hoog Lee Harvey Oswald gehalte heeft. Een identificeerbare sukkel met de juiste staatsgevaarlijke ideeën, alleen operend en dood.

Ook dit sprakeloze lijk van een schietgrage crimineel met een vage jihadistische achtergrond zou kunnen dienen als dekmantel voor een operatie uit geheel andere kring. Een eventuele strategie van de spanning in verkiezingstijd zou de angstige kiezers kunnen bewegen naar de warme armen van de gevestigde orde, ver weg van NAVO-vijandige extremistische rattenvangers als Mélenchon. Meer politie, meer militairen op straat, meer EU en NAVO.

  De tweede ronde: hack

Nadat Fillon en Mélenchon afvielen onder begeleiding van respectievelijk een geplugd schandaal en een merkwaardige aanslag, stonden in de tweede ronde van de verkiezingen alleen nog Macron en Le Pen overeind. Een dag voor de Fransen hun eindbeslissing zouden maken, dook plotseling nieuws op dat de burelen van Macron’s partij zouden zijn gehackt. Volgens Le Monde zou deze cyberaanval ‘duidelijk gericht zijn om de lopende verkiezingen te verstoren’.

Macron’s apparaat haastte zich naar buiten te brengen dat weliswaar 9 GB aan data was ontvreemd, maar dat de bundel die onvermijdelijk zou worden gepubliceerd ook valse documenten zou bevatten. Dat was een uitstekende schadebeperkende strategie. Mochten vervelende zaken boven water komen, dan kon dat direct gepareerd worden door een beroep te doen op die zogenaamde valse stukken.

WikiLeaks was op dat moment nog bezig de hacks aan een authenticiteitsonderzoek te onderwerpen, dus meldde men dat een dergelijke conclusie nogal voorbarig was. Het was onvoorstelbaar, aldus de klokkenluiders, dat Macron’s apparaat sneller de zaak had weten te doorgronden dan de specialisten van WikiLeaks.

Interessant was ook nu weer het moment. De tijd was eigenlijk te kort om de verkiezingen inhoudelijk te kunnen beïnvloeden, dus het enige nieuws dat er eigenlijk was, was de hack zelf. En juist die operatie kon eenvoudig – met Macron net als Clinton als een geloofwaardig slachtoffer van Russische inmenging – aan de juiste daders worden gekoppeld voor maximaal electoraal effect. Zeker met het oog op de pro-Russische positie van Le Pen. Clinton’s campagneteam wees ook direct naar de Russen, de usual suspect.

Kortom, ondanks dat volgens de Franse wet geen campagne mocht worden gevoerd op de laatste dag van de verkiezingen, werd impliciet een zeer effectieve campagne gevoerd. De Franse media waren daarbij zeer behulpzaam door een volledige, gelijkgeschakelde mediastilte rond eventuele inhoudelijke lekkage van de hack af te kondigen.

Onderdanigheid bleek belangrijker dan informatievoorziening. Wanneer de gehackte gegevens informatie zouden bevatten die een beëdiging van Macron zonder meer tegen zou moeten houden, dan zouden de Franse media dus bewust medeplichtig zijn geweest aan minachting van de Franse bevolking. Dat is de staat van de westerse democratie in tijden van spanning.

  Frankrijk ‘ver-angelsaksiseert’

Op politiek niveau zijn de Franse verkiezingen allereerst een voorbeeld van de geleide liberaal-democratie die opereert op basis van gelimiteerde soevereiniteit. Zij staat onder invloed van global governance – in zijn meest elementaire vorm de Pax Americana – die momenteel de politiek stuurt naar een betrekkelijk beperkte keuze.

Dat is de keuze tussen finance or fascism, ofwel tussen zacht autoritair neoliberalisme (eventueel opgepoetst met de pseudo-progressieve waarden van de identiteitspolitiek) en traditioneel rechts autoritarisme. Tussen VVD en PVV, tussen Trump en Clinton en en ook tussen Macron en Le Pen.

Je zou kunnen zeggen dat zelfs de Franse politiek vrijwel verworden is tot een kopie van de Amerikaanse verkiezingen. Frankrijk ver-angelsaksiseert. Of eigenlijk, Frankrijk krijgt uiteindelijk een vorm die zij onder druk vanuit de neoliberale hegemonie als vanzelf opgelegd krijgt. Voor een land dat zich altijd in meer of mindere mate heeft afgezet tegen de angelsaksische hegemonie is dat eigenlijk op zichzelf al een verbazingwekkende conclusie.

Maar er is misschien wel meer. Natuurlijk, er zijn complottheorieën die het waard zijn negatief beoordeeld te worden, omdat ze vooral gebouwd zijn op pathologische vormen van cynisme, kunstige verdraaiingen en selectief gebruik van halve waarheden. Maar er zijn ook complottheorieën gewoonweg omdat er complotten zijn. De VS heeft het talloze malen eerder bewezen, ook in West-Europa.

We kunnen denken aan een hyper-ambitieus politicus die met behulp van zijn niet geringe contacten een mooie plek voor zichzelf in het centrum van het politieke landschap opeist en daarmee ook grote kans maakt de presidentsverkiezingen te winnen. Dat moet zeker het startpunt zijn. Een vervolgstap zou zijn de invloeden van global governance structuren mee te nemen: de druk vanuit de EU, het marktkapitalisme, de positie van Frankrijk in de hegemoniale wereldorde. Zij bepalen mede de randvoorwaarden van het politieke landschap en wie daarin de beste kansen heeft.

  Speculatie

De laatste stap bestaat dan uit het inkleuren van de invloed die deze sociale krachten kunnen hebben. Maar gaat het dan alleen om een institutioneel raamwerk en directe financiële, organisatorische en personele steun? Of speelt er meer? Geheime beïnvloedingsacties misschien? Ondanks de mate van speculatie valt zeker wat te zeggen voor het bestaan van een ‘Plan Bleu 2.0’, zeker nu de Koude Oorlog 2.0 met Rusland (en China) steeds hoger op speelt en de belangen groot zijn.

Het tijdstip dat het schandaal van Fillon uitlekte, het moment van de hack; het is vrijwel zeker dat hier moedwillig is gemanipuleerd, waarbij in het laatste geval Amerikaanse steun vrij aannemelijk is. Wat betreft de aanslag staan meerdere opties open. Een jihadistische gek is mogelijk, maar de geur van een Gladio-achtige operatie dringt zich wel heel sterk op. Gezien de recente historie is het niet ondenkbeeldig dat de VS, de NAVO en sommige onderdelen van de Europese politiek samenwerken in legale, maar ook in minder legale operaties. Harde bewijzen zijn er niet. Maar onderzoek begint altijd met een gefundeerd vermoeden.

PS Op 24 en 25 mei vergadert de NAVO in Brussel. Demonstraties zijn ook gepland.
Share Button

6 Reacties op Zijn de Franse verkiezingen gemanipuleerd?

  • Sandra Westrenen schrijft:

    super goede beschouwing. Vakwerk. Zeldzaam.

    aanvullend:
    niet gek dan – toch. Zoveel enthousiasme voor een president (maar een boegbeeld) – die zegt ‘de Franse cultuur bestaat niet’.
    En 1 die niet eens een partij heeft.
    En geen program (van wie kennen wij dat ?)
    Geen kader – ministers, kamerleden, lokale afdelingen, etc.

    Zo’n campagne kost geld. Astronomische bedragen.

    Alle schandalen die aan Macron kleven – zijn door de media NIET opgegraven.

    Normale reflex is van echte journalisten: duik in het curriculum.

    Zonder volledig te zijn; de ‘Laboratoire Servier’ affaire, de Alstom – affaire, het schandeel rond het verpatsen van SFR-telecom, het afbraakbeleid waarvoor hij tekende als minister onder Hollande,
    de agenda van het WEF-Davos waarvoor hij tekende:
    https://www.weforum.org/events/world-economic-forum-annual-meeting-2017

    Als de kiezers hier iets van hadden geweten . . .

    • knarfist schrijft:

      Zolang er geen moord alla Franz Ferdinand plaatsvind kunnen wij allen rustig slapen gaan.

      Slechts idioten geloven in democratie.

  • Herman Aven schrijft:

    De Zwitserse onderzoeker Daniele Ganse en zijn boek als referentie gebruiken is erg gewaagd. In de wereld van historici staat hij toch redelijk alleen en zijn methodes en conclusies staan onder zware vooral ook inhoudelijk kritiek die nooit voldoende weerlegd is. Volg maar even de wikipedia links naar het werk van de toch redelijk onafhankelijke experts dr. Peer Henrik Hansen of dr. Olav Riste.

    Het zwakt de overtuigingskracht van het artikel ietwat af. Maar toch lijkt het me in grote lijnen toch wel de juiste richting te hebben. Ook zonder een link naar gepland geweld en terroriste acties is het duidelijk dat ideologisch gezien het Europees beleid in stand gehouden wordt van bovenaf vooral door gebruik te maken van vele middelen, vooral via de pers, diverse subsidies (de aanwezigheid van een grote geldpot ergens zal als een soort zwaartekracht altijd ideeën vervormen en mensen motiveren) maar uiteindelijk kom je ook bij diepere structuren terecht binnenin het naoorlogse denken en al de nog onverwerkte en ontkende aanleidingen tot de wereldoorlogen en vooral ook een wezenlijk crisis over de identiteit en cultuur van de modern “westerse” maar vooral ook “Atlantische” mens. Dat onderwerp begint zich pas langzaam te openen.

  • Hector Reban schrijft:

    Herman, dank voor je commentaar. Ik heb de wiki gelezen en ook andere bronnen die Ganser aanvallen. Ik vind ze verre van overtuigend.

    Een belangrijk kritiekpunt is bv. dat Ganser zich verlaat op complotdenken. Dat horen we vaker de laatste tijd als iets de gevestigde orde niet zint. Toch valt hij vooral terug op getuigenverslagen en andere feiten. Soms moet hij daarvoor projecties maken en komt hij niet verder dan geïnformeerde suggesties/vermoedens, maar dat komt nu eenmaal omdat degenen om wie het gaat er alles aan doen de zaken onder de pet te houden! Dat Ganser aanwrijven is natuurlijk de wereld op zijn kop.

    Het merkwaardigste punt van kritiek las ik geloof ik ook van een bron die in de Wiki aangehaald wordt. Ganser had zich eerst moeten verschonen door erop te wijzen dat de Russen minstens net zo erg waren. Dan zou zijn studie meer zeggenskracht hebben.

    Het is te idioot om serieus te nemen. Je mag pas meedoen aan een discussie op security gebied als je eerst de officiële vijand bespreekt en aanvalt. Dezelfde disclaimer heb ik moeten maken in de MH17 zaak. Je wijst op de problemen van het JIT onderzoek en de machinaties van Oekraine en je krijgt alleen kritiek dat je de Russen te veel in bescherming neemt.

    Er is ook veel ondersteunend bewijs, bv wat betreft operatie paperclip en de vele harde feiten die zo duidelijk op tafel liggen dat ze zelfs door trouwe volgers van de NAVO niet meer vallen te ontkennen. Sterkste voorbeeld is de Organisation Gehlen – naar de topnazi die bezig bleef na de oorlog in dezelfde functie – en Klaus Barbie, de slager van Lyon, die ook een een stay-behind netwerk opzette in dienst van de Amerikanen.

    Als laatste wil ik opmerken dat veel van die zgn. kritiek uit de koker komt van mensen die zich op enigerlei wijze verbonden hebben aan de security state en de studie daarvan. Zoals, volgens Edward Saïd, de westerse “Arabist” vnl. te vinden valt aan de kant van degenen die zich ten dienste stellen aan de staat om de Oosterse vijand te onderzoeken, lijkt dat hier ook het geval.

    Veel pogingen tot damage control. Het lachwekkendste vond ik een onderzoeker die beweerde dat Ganser fout zat omdat het State Department zelf had beweert dat het allemaal niet waar was 🙂 (Die terreur manual. Maar ook daarvoor is ondersteunend bewijs. In andere studies, bv Naomi Klein”s Shock Doctrine of Noam Chomsky wordt ook verhaald over terreur manuals e.d.)

  • Sandra Westrenen schrijft:

    Franse verkiezingen gemanipuleerd?
    Zeker weten. Zonder gêne werd gemanipuleerd bij het leven.

    Media blackout over alle schandalen die aan Macron kleven.
    Media taboe op de ‘Macron-Leaks’,
    Onophoudelijk stemmingmakerij over de fake Russische dreiging, IS, en de zgn. deugdelijkheid van de omvolking van Frankrijk, cq. de Islamisering; de ‘diverstiteits’-cultus.
    En uiteraard de hele civil society voor het karretje spannen, LGBTQ spring nog het meest opvallende in het oog. Maar er waren – net zoals bij Brexit – ook massale campagnes op social media gericht op studenten aan de ene kant, een jeugd bendes die tegen de politie werden opgezet (ref. BLM) aan de andere kant.

    Ga er maar van uit dat via de Chambre de Commerce, Syndicaten, het hele bedrijfsleven eveneens de doelgroepen cq. achterbannen zwaar beïnvloed zijn. ‘Industry 4.0’ is iets waar zakenmensen weg van zijn, doch bijzonder veel MKB – overmijdelijk – de kop gaat kosten.

    De media hebben bewust vermeden dat de inhoud van beider plannen serieus een rol zouden spelen in de stemmingmakerij.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

*

Nieuwsbrief
Meld je aan voor de maandelijkse nieuwsbrief:
Rubrieken
Volg ons op twitter