Loro

Dat Paolo Sorrentino ooit een film over Silvio Berlusconi zou maken was te verwachten. In 2008 maakte hij immers al Il Divo (2009) over die andere belangrijke Italiaanse politicus, Giulio Andreotti. De vraag is of Loro wel een biografische film over Berlusconi te noemen is. Er zit geen levensloop in verwerkt en schetst in een momentopname de uitgebluste ex-premier en mediamagnaat die zich in 2006 even in een diep dal bevindt na het vallen van zijn derde kabinet.

Verrassend en gewiekst is dat Sorrentino zijn verhaal niet begint met de voormalige premier. Ambitieuze figuren die snakken naar macht moeten in de buurt van El Presidente zien te komen. Zo huurt drugsdealer en pooier Sergio Morra in Sardinië een villa naast die van Berlusconi en organiseert feesten met veel schaars gekleed vrouwelijk schoon. Zo hoopt hij de aandacht van Berlusconi te trekken.

Er zitten nogal wat uitzinnige feesten in Loro verwerkt. Daar kan de regisseur zijn voorliefde voor bombastisch en grotesk spektakel uitleven. Zijn La Grande Bellezza (2013) verbleekt bij de hedonistische hel die hier getoond wordt. De introductie van Morra in het verhaal is subliem. Het ranzige personage, met bravoure gespeeld door Riccardo Scamarcio, sluit zakendeals af op een boot met hulp van een prostituee. Vervolgens worden we de corrupte wereld van de gulzige cokesnuiver Morra binnen geloodst. Het begin van de film is tamelijk hypnotiserend, en dan moet de zonnekoning zelf nog in beeld komen.

De film is satirisch en gulzig vulgair, maar nét geen persiflage op Berlusconi geworden die gespeeld wordt door Toni Servillo. Met veel make-up zet hij zoals verwacht een sterke rol neer. De charmante grijns van de premier heeft de acteur echter schromelijk overdreven. Die grijns, eerder een grimas, doet zijn gezicht op een lugubere kop van een buikspreekpop lijken. Loro oogt minder strak dan Il Divo en La Grande Bellezza. Dat kan komen doordat de film een samengevoegde versie is van de scènes die in Frankrijk zijn opgenomen en die in twee delen worden vertoond, in totaal 150 minuten durend. Hierdoor sneuvelde 50 minuten filmmateriaal.

De Italiaanse politiek komt iets te weinig aan bod. We zijn vooral getuige van het lege en groteske leven van Berlusconi. Er zit een schitterend beeld in de film verwerkt waarin de premier in een groepsopname trots zijn vierde regering voor zit. Briljant is de scène waarin hij via de telefoon een appartement slijt aan een ‘gewone’ vrouw. Dat appartement is nog niet eens gebouwd. De rappe verkooptechniek van Berlusconi toont aan dat hij in de eerste plaats een sublieme verkoper van gebakken lucht is. De scène waarin hij een blauwtje oploopt bij een stille jonge vrouw is groots. Hier mag van de regisseur de politicus een moment als mens getoond worden.

Sorrentino wil de mythe van Berlusconi omver trappen. De beste scènes zijn die waarin hij die neiging enigszins weet te beheersen. Het laatste half uur van de film is ongemakkelijk om te ondergaan omdat de regisseur niet van ophouden weet. Hij wil de kijker grondig doordrenken met de inferieure leefwijze van de premier. Ter informatie, Berlusconi mag na het uitzitten van zijn straf wegens belastingontduiking vanaf 2019 weer een publieke politieke functie bekleden. Hij zat trouwens geen minuut in de gevangenis. Berlusconi kan zomaar voor de vijfde keer minister-president van Italië worden. We zijn nog lang niet van hem af.

Ulrik van Tongeren

Loro (2018, Independent Films), nu in de bioscoop.
Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Volg ons op twitter
Zoeker
Rubrieken