[boek] Van Eeden kiest voor de maan

Frederik van Eeden

Volgens Mogobe Ramose kunnen we allemaal wel wat maanziekte gebruiken. De maan is noodzakelijk voor het ecosysteem en de naamgever van het vooruitstrevende Maanverdrag uit 1979.

      door Hans Beerends

De moderne westerse filosofie, beginnend bij Descartes (1596-1650) met zijn beroemde uitspraak Cogito ergo sum (ik denk dus ik ben), gaat uit van het individu en behandelt de vraag op welke wijze het individu zich verhoudt tot de werkelijkheid. Ook de filosofen Kant, Heidegger en Sartre, hoe verschillend hun visies verder ook zijn, stellen het individu centraal.

Ubuntu, de Afrikaanse filosofie daarentegen, gaat in eerste instantie uit van de gemeenschap. Deze filosofie bestaat in feite al honderden jaren maar in de koloniale tijd werd dit denken door de westerse kolonisators, zover ze er al mee in aanraking kwamen, niet serieus genomen. Afrikanen, zo dacht men, waren onderontwikkeld, konden niet logisch redeneren en dat gaf het Westen het recht, ja zelfs de plicht, om deze landen te veroveren en de bevolking op te voeden.

   Ubuntu

In deze tijd, waarin het individualisme dominant is en niet zelden is doorgeslagen tot een neoliberaal ‘eigen IK eerst’, wordt het Afrikaanse denken ‘vanuit het WIJ’ ook door steeds meer westerse mensen serieus genomen. Met name in ecologische kringen wordt het Wij-denken omarmt.

Het boekje (90 blz.) met de vreemde titel Van Eeden kiest voor de maan bestaat uit twee delen. Het eerste deel, in feite de grootste helft, bestaat uit een inleiding over de kern van het Ubuntu-denken. Deze zeer heldere uiteenzetting is geschreven door filosoof Henk Haenen gepromoveerd in de Afrikaanse filosofie.

Deze filosofie, zo schrijft Haenen, gaat in eerste instantie uit van relaties. In plaats van het westerse ‘IK ben’ stelt Ubuntu: ‘Ik ben verbonden met anderen en zie mijzelf als onderdeel van een WIJ’. Illustratief voor dit denken is ook de vergelijking met de zeer dikke Afrikaanse boom de Baobab. Niet één of twee mensen zijn in staat die boom te omarmen maar zeker twaalf en soms meer zijn daarvoor nodig. Die omarming staat symbool voor de gedachte dat samenwerking van meer mensen en van meerdere visies en culturen noodzakelijk is om te komen tot een ‘waarachtige en werkzame levensfilosofie’.

Hierbij enkele uitspraken die dit denken duidelijk maken:

‘Het proces van zelfontplooiing van de individuele mens verloopt gelijktijdig met de ontplooiing van de medemens, de natuur en de kosmos’.

‘Mens zijn is je menselijkheid bevestigen door de menselijkheid van andere te erkennen en op grond daarvan menselijke relaties met anderen aan te gaan’.

   Groenen

Nou komt dit denken mij niet helemaal vreemd over. Zeker in het Groene-denken herken je dit gemeenschapsdenken. Groenen keren zich af van het individualistische denken omdat dit het egocentrisch handelen bevordert, hetgeen weer leidt tot milieuvernietiging, klimaatproblemen en de ‘Eigen Ik en Eigen Land Eerst’ mentaliteit.

Om misverstanden te voorkomen benadrukt vakfilosoof Haenen het verschil tussen Ubuntu en westerse filosofie in de volgende definitie: ‘Het zijn van de werkelijkheid wordt hier (in Ubuntu, -HB) dus niet zoals in de westerse filosofie gebruikelijk als een zelfstandigheid opgevat, waartegen de mens en de denker een positie inneemt. De mens weeft zich in de visie van Ubuntufilosofie het zijn in’.

Los van het huidige Groene-denken bestond er ook ik de jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw onder progressieve katholieke jongeren en bij de jongerenbeweging van de sociaaldemocraten, de AJC, een sterk gemeenschapsdenken. Bij de AJC kwam dat onder andere tot uiting in de bijeenkomsten op De Paasheuvel in Vierhouten en in het participeren bij de oprichting van Volkshogescholen.

Zoals bij de katholieken van het toonaangevende katholieke literaire blad De Gemeenschap, alsmede bij de oprichting van de katholieke Volkshogeschool ‘het gemeenschapsoord Drakenburgh’, gebouwd door de gelijknamige jeugdwerkgemeenschap. In de naoorlogse opbouwperiode werd dit gemeenschapsdenken door de toenmalige kabinetten nog bevorderd en gesubsidieerd. Na deze periode werd de ondersteuning stap voor stap afgebouwd en vanaf eind jaren ’70 werd het liberale individualistische denken dominant.

   Frederik van Eeden

Een van degenen die dit socialistische katholieke gemeenschapsideaal wilde verwezenlijken, was Frederik van Eeden (1860-1932). Van Eeden was schrijver, onder andere van de steeds weer herdrukte roman Van de koele meren des doods. Daarnaast was hij psychiater en stichter van de commune Walden (Bussum) in 1898, een socialistische tuinbouwkolonie waar alle grond en inkomsten gemeenschappelijk waren. Zijn communale droom eindigde in 1907 weliswaar in een faillissement maar als schrijver en psychiater had hij veel invloed op het denken in progressieve kringen.

Magobe Ramose, hoogleraar filosofie aan de universiteit in Zuid-Afrika die het tweede deel van het boek schreef onder de titel ‘Van Eeden kiest voor de maan’, ziet Van Eeden als een denker die de filosofie van Ubuntu in de praktijk bracht zonder dat hij er ooit van gehoord had. Het verhaal van Ramose is een bewerkte versie van de Van Eedenlezing die hij in 1918 hield.

Volgens Ramose kiest Van Eeden voor de maan omdat hij in verhandelingen over psychiatrie regelmatig deze planeet gebruikt als symbool voor het streven naar een rechtvaardige maatschappij. De maan, zo schrijft Van Eeden, en Ramose zegt het hem met vreugde na, ‘leert ons op een onbewuste en passieve manier onbaatzuchtig te zijn en ons te richten op het leven van anderen’.

De maan wordt ook gekoppeld aan de beschrijving van een vorm van waanzin, de zogeheten maanziekte. (lunatic in het Engels). Als niemand zou lijden aan waanzin, zo schrijft Van Eeden, ‘dan zou waanzin uitgevonden moeten worden om te kunnen verklaren hoe menselijke relaties normaal verlopen’. Van Eeden, zo schrijft Ramose instemmend, ‘daagt ons uit om waanzinnige visionairs te worden, zoekend naar rechtvaardigheid en vrede in de wereld’.

   Verzuchting

Ramose ervaart Van Eedens beroep op de maan tenslotte als een vooruitlopen op het maanverdrag van de Verenigde Naties in 1979. Daarin word de maan en haar natuurlijke rijkdommen beschouwd als het ‘gemeenschappelijk erfgoed van de mensheid’ en kan niet opgeëist worden door een staat, een bedrijf, ngo of een persoon. Dit maanverdrag laat zien, aldus Ramose, dat de mensheid ethisch kan redeneren en handelen zonder zichzelf centraal te stellen. Het is een voorbeeld van waanzinnig maar niet zwakzinnig redeneren.

Ramose eindigt zijn lezing met de verzuchting: ‘wat weerhoudt de mensheid ervan om dit etnisch redeneren en handelen ook toe te passen op de leefbare planeet aarde?’ (NB voor wie het aangaat, de tekst van de lezing is zowel in het Nederlands als in het Engels afgedrukt).

De lezing van Mogobe Ramose is een kleurrijke en wijduit lopende verhandeling over zijn denken, mede geïnspireerd door allerlei aspecten van het denken van Van Eeden. Wil je echter de kern weten van de Ubuntufilosofie dan kan je beter de inleiding nog een keer lezen.

 

titel  Van Eeden kiest voor de maan
auteur  Mogobe Ramose
uitgever  ISVM
uitgave  Luxe paperback, 88 pagina’s
isbn  978-94-92538-63-5
prijs  €12,50

 

Share Button

1 Reactie op [boek] Van Eeden kiest voor de maan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Volg ons op twitter
Zoeker
Rubrieken