Tabakslobby behoudt politieke invloed

Tabak is een van de meest dodelijke genotsmiddelen. Sinds jaar en dag proberen politieke partijen en de opeenvolgende kabinetten daarom via wetgeving het roken te verminderen. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik in dagblad Trouw (5/7/21) las dat de tabakslobby vecht voor contact met Kamerleden.

In mijn onnozelheid nam ik aan dat de tabakslobby, na het duidelijke anti-Tabaksverdrag van de Wereldgezondheidsorganisatie uit 2005, zelf had ingezien dat het promoten van tabak in feite misdadig was. Maar nee hoor, ondanks de overmatige bewijzen van de relatie tussen roken en longkanker gaan winst zoekende tabaksfabrikanten gewoon door. Volgens Trouw heeft de lobby tot 2015, tien jaar nadat Nederland het internationale verdrag had getekend groot succes gehad.

Op 6 juli werd een motie van Volt en D66 in stemming gebracht waarbij óók het lobbyen bij volksvertegenwoordigers verboden wordt. De betreffende motie werd verworpen. Een draai van het CDA, dat niet wil beslissen over wat andere fracties wel of juist niet laten, gooide roet in het eten. De tabakslobby is nog altijd welkom in de Tweede kamer.

Groot was mijn teleurstelling dat de de motie verworpen werd. Voorspelbaar was dat rechtse partijen tegen waren. De hoop was gevestigd op het CDA die eerder had gesteld tegen dit soort lobbypraktijken te zijn maar bij de stemming verklaarde tegen te stemmen omdat zij niet wilde beslissen wat andere fracties op dit terrein mogen doen. Een typische opportunistische vrijblijvende draai zoals het CDA wel vaker doet.

Ik kan me herinneren dat CDA-politicus Hillen, nadat hij in 2010 minister van Defensie was geworden, toegaf dat hij als Eerste Kamerlid tevens als lobbyist werkte voor de tabaksindustrie (Britisch American Tobacco). Volgens eigen zeggen was hij vergeten dat te melden. Of hij na die tijd officieel of officieus bleef lobbyen is niet bekend. Zijn bekentenis verhinderde de overheid overigens niet hem in 2012 te bevorderen tot officier in de orde van Oranje Nassau.

Het verbod op lobbyen zou trouwens niet alleen voor tabak moeten opgaan maar ook voor suiker, snoep, plastic, etc. Kortom, voor alles wat gevaarlijk is voor onze gezondheid en/of voor het milieu. Zolang dat officiële verbod voor al dat gelobby er niet is, verwacht ik van Kamerleden die ons belang nota bene moeten behartigen, dat zij lobbyisten, welke dan ook, de deur moeten wijzen.

Om te voorkomen dat Tweede Kamerleden, om wat voor reden dan ook, zich toch laten verleiden, is het een goede zaak als stemmers voortaan aan hun partij van voorkeur expliciet vragen hoe zij omgaan met lieden die niet opkomen voor het algemeen belang maar, ten koste van alles, hun particuliere belang laten prevaleren.

Hans Beerends

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

Volg ons op twitter
Zoeker
Rubrieken